Om verwarring te voorkomen: dit artikel gaat niet over eten of drinken. Het gaat over vertrouwen en solidariteit. Termen die passen bij hedendaags ondernemen.

Mijn man en ik zijn beide ondernemer. Hoewel onze zaken goed lopen is een arbeidsongeschiktheidsverzekering toch een erg grote kostenpost. De premie bedraagt al snel enkele honderden euro’s per maand en de voorwaarden voor uitkering zijn over het algemeen niet mals. Daarom hebben we gekozen voor een alternatief en zijn we lid geworden van een broodfonds.

Een broodfonds bestaat uit een groep mensen die afspreekt dat ze elkaar bij ziekte financieel ondersteunen. Een groep van minimaal 20 en maximaal 50 deelnemers zet elke maand geld opzij op een eigen bankrekening. Een deelnemer die door ziekte tijdelijk niet kan werken, krijgt maandelijks een belastingvrije schenking van alle andere leden. Alle kleine schenkingen bij elkaar vormen een bedrag dat een maandinkomen is. De deelnemers kiezen zelf welk bedrag ze willen ontvangen wanneer ze langdurig ziek zijn. Dit bedrag is in overeenstemming met het inkomen dat je normaal uit je eigen onderneming haalt. Wie een hoog bedrag wil ontvangen, schenkt ook hogere bedragen dan iemand die een laag schenkingsbedrag kiest. Daar is een woord voor: solidariteit.

Op www.broodfonds.nl kan je tot in detail nalezen hoe het werkt. De mensen achter deze website, de Broodfondsmakers, helpen mensen met het opstarten en beheren de administratie van het broodfonds voor je.

De voordelen: sparen, sociale controle en netwerken

De maandelijkse inleg blijft gewoon van mij en dat is fijn. Ik ben wel solidair maar geen filantroop. Zolang er niet teveel zieken zijn aan wie ik schenk, groeit het bedrag op mijn spaarrekening. Mocht ik ooit weer in loondienst gaan of om een andere reden uit het broodfonds stappen dan blijft het gewoon mijn spaargeld. En als er wel veel zieken zijn geweest dan is mijn geld gebruikt waarvoor het bedoeld was.

Door het broodfonds heb ik een heel nieuw netwerk aangeboord.

Daarnaast is er sociale controle. De eerste keer dat “mijn” broodfonds in werking kwam, werd de zieke deelnemer door zijn kennissen en vrienden uit het broodfonds dringend geadviseerd tijdelijk te stoppen met werken. Zijn hersenschudding knapte namelijk niet echt op van zijn beeldschermwerk. Als echte ondernemer had hij zelf niet bedacht dat tijd nemen voor herstel misschien wel de beste optie was.

Door het deelnemen aan het broodfonds heb ik een heel nieuw netwerk aangeboord. Zo ken ik nu een websitebouwer, een grafisch ontwerper, een evenementenorganisator, een interieurarchitect en een medisch illustrator. Wie weet wanneer deze kennissen nog eens van pas komen?

Maar wat zijn de valkuilen?

Een broodfonds is gebaseerd op vertrouwen. Zodra er behoefte ontstaat om allerlei zekerheden in te bouwen (verklaring van een arts, geen deelnemers van ouder dan 55 jaar, geen deelnemers met chronische ziekten zoals diabetes….) is je broodfonds gedoemd te mislukken. Bij het instappen maken deelnemers hun jaarcijfers inzichtelijk. Zo laten ze zien dat de schenking die ze willen ontvangen niet hoger is dan wat ze normaal privé aan hun onderneming onttrekken. Als je gezond genoeg bent om als ondernemer in je inkomen te voorzien, ben je ook gezond genoeg om lid te worden van een broodfonds.

Het ziekteverzuim onder zelfstandigen is aanzienlijk lager dan onder werknemers.

Het broodfonds ondervangt een realistisch risico, maar niet alle risico’s. De hoogte van de inleg is gebaseerd op een realistisch ziekteverzuim. Is het aantal zieken in de groep langdurig veel hoger, dan verdampt het opgebouwde vermogen van de groep. De praktijk leert dat dit vrijwel niet voorkomt. Het ziekteverzuim onder zelfstandigen is namelijk aanzienlijk lager en vaak van kortere duur dan het ziekteverzuim onder werknemers.

En een broodfonds schenkt niet oneindig. Ik ontvang bij ziekte maximaal twee jaar schenkingen uit het broodfonds. Mocht ik dan nog steeds niet kunnen werken dan zijn er wettelijke regelingen waar ik aanspraak op kan maken.

Al met al ben ik heel blij met het broodfonds. De grootste risico’s van langdurig ziek zijn heb ik hiermee afgedekt en ik heb een heel nieuw netwerk aangeboord. En het sociale aspect spreekt me aan. Het lijkt er op dat we de oervorm van de onderlinge verzekering eindelijk in een hedendaags jasje hebben gestoken.